/ Bladgroenten / Sla

Sla


ZAAIEN


PLANTEN


PLANTAFSTAND


TUSSEN RIJEN


OOGSTEN

Januari - november
Maart - november
20-30 cm
20-30 cm
-
Sla (lactuca sativa capitata) is het hele jaar door te telen. In de koude maanden teelt men speciale rassen die goed tegen lage temperaturen kunnen, bij voorkeur in de kas. In de zomermaanden kiest men rassen die minder snel doorschieten.

Sla zaaien

Zaai sla vanaf Januari-Februari binnen, vanaf Maart-April onder glas en de rest van het jaar buiten. Vul potjes, een zaaibakje of een zaaitray met zaaigrond en druk de grond licht aan. Leg de zaadjes met ruime tussenafstand op de grond. Sla is namelijk een lichtkiemer wat betekend dat het zaad nauwelijks onder de oppervlakte mag liggen. Bedek de zaden dus met een zeer dun laagje grond en bevochtig met een vernevelaar/plantenspuit. Het zeer dunne laagje zaaigrond mag niet uitdrogen tijdens het kiemen. Controleer dit regelmatig en bevochtig de grond met een vernevelaar indien nodig. Sla kiemt het beste bij 10-15 graden Celsius. Bij temperaturen hoger dan 20 graden kiemt sla nauwelijks, zaai je in de zomer zorg dan voor een koele plek. Je kunt de zaaigrond ook eerst van te voren afkoelen door deze te begieten met water. Direct in de volle grond zaaien kan ook. Zaai op een zaaibed en verplant de zaailingen als ze ongeveer 6 cm hoog zijn of zo’n vijf tot zes blaadjes hebben op onderstaande plantafstand. Dun zwakke plantjes tijdig uit en gebruik ze in een salade. Zie ook snijsla/pluksla.
Tip: Zaai sla om de twee weken om continu over verse sla / kropsla te beschikken.
Na ontkiemen van de zaadjes zet je de plantjes op een lichte plaats, bij voorkeur buiten als de temperatuur dat toelaat. De temperatuur moet zo tussen de 12-20 graden schommelen, bij hogere of lagere temperaturen schieten plantjes later sneller in het zaad. Heb je de zaadjes in een zaabakje gezaaid en staan ze dicht op elkaar? Verspeen de plantjes dan als de eerste blaadjes te zien zijn naar kleine potjes of een zaaitray met verse potgrond. Laat de grond niet uitdrogen.

Sla planten

Plant sla als de zaailingen ongeveer 6 cm hoog zijn of zo’n vijf tot zes blaadjes hebben en de potjes goed geworteld zijn. Hard de plantjes af voor het uitplanten. De plantafstand bedraagt 20-30 cm in alle richtingen, plant je dichter bij elkaar dan neemt de grote van de krop af en is er meer kans op ziekten en schimmels. Plant de sla even diep als dat ze tijdens het verspenen zijn gezet, de kluit gelijk of net iets boven de grond. Zorg wel voor voldoende licht (al is in de zomer de halfschaduw ook prima).

Sla bemesten

Werk ruim van te voren een basis bemesting van goed verteerde mest, compost koemestkorrels of kippenmestkorrels onder. Bemesten van sla voor het planten/zaaien en tijdens de groei is niet aan te raden.

Wintersla

Speciale aandacht voor het zaaien van speciale winterrassen eind september / oktober. Zaai deze voor in potjes, verspeen ze naar aparte potjes en plant ze daarna uit in de kas. Planten in de volle grond behoort ook tot de mogelijkheden maar de kans is aanwezig dat ze de strenge vorst niet overleven. Dek de plantjes in de volle grond in ieder geval tijdig af met een dubbele laag vliesdoek!

Verzorging

Geef sla voldoende water, de grond mag niet uitdrogen omdat sla dan snel een bloemstengel aanmaakt. Water geven op de laatste 10 dagen voor de oogst komt de kwaliteit van de sla ten goede. Bescherm de plantjes tijdens koude perioden. Strooi eventueel slakkenkorrels.

Sla oogsten

Snijdt de krop vlak boven de grond af. De bladeren van kropsla zijn los te oogsten maar wachten tot er een krop is gevormd is ideaal.

Wat er mis kan gaan

Ziekten en plagen bij sla
0 POST COMMENT
Rate this article
Rate this post

Send Us A Message Here

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

vier × drie =